Groningen, Saramacca,
West-Indië

Tussen 13.08.1845 en 27.08.1845 is de helft van het
gezin
Kersseboom & Willemsen
te Groningen, Saramacca in West-Indië aan de gevolgen van een tyfusepidemie overleden.

Een verhaal gevonden op Internet:

bronnen

kaart

Kolonisatie

 

Jaartallen Boeroe kolonisatie

 

1840-1845

Voorbereidingen kolonisatie

Ca 1840

Predikanten Arend van den Brandhof en Dirk Copijn informeren naar een benoeming in Suriname. Er blijken geen plaatsen te zijn.

23 juni 1842

Predikanten Van den Brandhof, Copijn en Betting leggen een kolonisatieplan voor aan de Minister van Koloniën Baud. Hierin is sprake van 200 gezinnen.

augustus 1842

Betting past het plan aan in gesprek met Gouverneur-generaal der West-Indische Bezittingen Elias: eerst gaan met 50 gezinnen.

25 jan 1843

Goedkeuring plan Bij Koninklijk Besluit.

8 mei 1843 – 19 juni 1843

Ds. Betting reist aan boord van de “Wilhelmina” af naar Suriname om een plaats voor de kolonisatie uit te zoeken. Hij komt uit op de militaire post Groningen aan de Saramacca rivier. Met Betting reizen Leendert van den Bovenkamp, Jan Rijsdijk en gezin en Wouter de Vries mee.

4 sep 1843

Na gouvernementsresolutie wordt begonnen met voorbereidende werkzaamheden op Groningen: ontbossen en inpolderen. Zij krijgen de beschikking over 36 gouvernementsslaven

Dec 1843

Van den Bovenkamp en De Vries keren terug naar Nederland; Betting raadt kolonisatie af in rapport aan gouverneur-generaal Elias

Juli 1844

Betting koopt plantage Voorzorg aan de overkant van de rivier. Arts Tydeman voorspelt dat dan voor een kerkhof voor de helft van de kolonisten moet worden gezorgd. Wederom beginnen de voorbereidende werkzaamheden.

Dec 1844

De planning om de kolonisatie te starten worden niet gehaald. Veel aanstaande kolonisten hebben hun hebben en houden dan al verkocht. Hen wacht een zware winter.

1845-1853

Kolonisatie aan de Saramacca

10 mei 1845

Tweedeks barkschepen de “Suzanna Maria” en de “Noord-Holland” vertrekken met resp. 106 en 86 kolonisten

11 juni 1845

De schepen bereiken Suriname

20 juni 1845

Aankomst  “Suzanna Maria” bij Groningen

21 juni 1845

Aankomst “Noord-Holland” bij Groningen

12 juli 1845

Aankomst “Antonia en Eugenie” met 115 kolonisten, waaronder ds. Van den Brandhof en dr. De Jong

22 juli 1845

Ds. Copijn overlijdt

3 aug 1845

Aankomst “Phoenix” met 37 kolonisten

Juli-okt 1845

Typhus epidemie, 174 van de 347 kolonisten overlijden

April 1848

J.H. Westphal plant een kolonisatie aan de Coesewijne en probeert de kolonisten uit Groningen hiervoor te interesseren. Deze kolonisten verwaarlozen daarbij hun werk. Het plan mislukt.

1849

Westphal start op Phaedra aan de Rama een nieuwe kolonisatie. Drie kolonistengezinnen gaan naar Rama

16 nov. 1849

In de loop van 1849 vertrekken vele kolonisten naar de omgeving van Paramaribo. Besluit tot opheffing van de kolonisatie; op 10 december is er uitstel van executie.

1851

Gele-koorts epidemie

31 mei 1853

De kolonisatie wordt opgeheven. Er zijn dan nog 54 kolonisten over.

1853-1895

Boeren aan de rand van Paramaribo

Maart 1854

Van den Brandhof vertrekt uit Suriname

13 april 1863

Van den Brandhof overlijdt

?

R.A. Tammenga lid van Koloniale Staten

1895

50-jarige herdenking boerenkolonisatie. Rapport Koloniale staten over nieuwe kolonisatie. J. Muller maakt vele foto’s van de boeren

1920

75-jarige herdenking boerenkolonisatie. Speciale herdenkingsmunt wordt uitgereikt aan de gezinshoofden

?

Oprichting VANK (Vereniging Afstammelingen Nederlandsche Kolonisten)

?

Oprichting Unie

 

23 juni 1842 dienen 3 dominees, te weten ds. Dirk Copijn, Arend van den Brandhof en Betting, een kolonisatieplan in bij de Minister van Koloniën Baud om 200 huisgezinnen uit de klasse der verarmde landbouwers, naar Suriname over te brengen en daar een vrije landbouw kolonie te vestigen.
Deelnemers aan de kolonisatie moesten landbouwer van beroep zijn, behoeftig of verarmd, in goede gezondheid verkeren, en niet ouder dan 45 jaar zijn, liefst getrouwd en van onbesproken gedrag.
Er meldden zich kandidaten uit Elst in Gelderland, Rheden, Veenendaal, Utrecht, Zwolle en Leeuwarden.
De kandidaten voldeden nauwelijks aan de voorwaarden: weinigen waren bekend met de landbouw en de meerderheid was jonger dan 18 of ouder dan 45 jaar. Ds Betting werd met 3 voorlopers van de kolonisten reeds in 1843 uitgezonden om de zaak voor te bereiden  en een goede vestigingsplaats
uit te zoeken.

Op 21 juni 1845 kwam het eerste schip “Suzanna Maria” met 104 personen (17 gezinnen) naar Suriname. Ze werden gestationeerd op het verlaten leprozen etablissement Voorzorg in het district Saramacca.
Op deze plek was er reeds eerder een kolonisatiepoging geweest met vrije Negers, maar die poging was op een mislukking uitgelopen. Bij aankomst vonden er op het schip ijzingwekkende taferelen plaats, want in plaats van de 50 huisjes die het gouvernement had beloofd stonden er 13 hutjes tegen de rand van het oerwoud, het land was niet ontgonnen en niet bebouwd en het afwateringssysteem was nog niet af, waardoor de grond veel te drassig was.
Het was één en al teleurstelling, huilende vrouwen jammerende kinderen, woedende en wanhopige mannen liepen over het dek van het schip. De meesten weigerden om van boord te gaan en de weinigen die nog wat geld bezaten, boden dit aan de gezagvoerder voor de terugreis aan.
Drie weken na deze verscheping kwamen met het schip “
Antonia en Eugenie” op 12 juli 1845 nog 86 personen (12 gezinnen) onder leiding van Ds. Van den Brandhof.
Tot overmaat van ramp brak er een tyfusepidemie uit en de helft van het aantal kolonisten stierf. Een deel van de 2e groep werd ondergebracht op de plantage Mijn Vermaak aan de Saramacca rivier. De groep verhuisde later in zijn geheel naar de plantage Groningen aan de Saramacca rivier.
Op 31 mei 1853 bleek bij het opmaken van de telling dat er 223 overlevenden waren waarvan 41 werden gerepatrieerd zodat er 167 kolonisten overbleven. Van deze 167 bleken 42 van hen in Suriname geboren te zijn. De proef met de Boeren immigratie werd als mislukt beschouwd en men ging zich klaarmaken voor het Chinese avontuur.

Enkele families

Betting

Sloot

van Ravenswaay

Copijn

Stolk

van Raay

Graanoogst

Taminga

Velthuizen

Hoogvliet

Tammenga

Veldkamp

Loor

van Brussel

Veltkamp

Overeem

van Dijk

Wouters

Rijsdijk

van den Berg

Zweers

Rozenberg

van den Brandhof

 

Meer over Suriname

Deel van Suriname rond 1900

Schoolatlas van de gehele aarde, door A.A. Beekman en R. Schuiling, vierde, vermeerderde druk,
Zutphen
, W.J. Thieme & Cie, 1912

- Genealogie van Adriaan Verschoore de la Houssaije

Bronnen:

- Wazamar archief
- Zeeuwen gezocht

- Genlias
- Rheden - Gezinsklapper

- Boeroes 1
- Boeroes 2
- Boeroes 3
- Boeroes genealogie
- Boeroes literatuur

NB
NL = Nederland
West-Indië = Suriname

voor reacties
Walter Andreas Groen