E.M. Teenstra

Groningse landbouwer die in 1909 voor het district Zuidhorn als vrijzinnig-democraat in de Tweede Kamer kwam. Was daar woordvoerder op het gebied van landbouw en nijverheid. In de veronderstelling dat zijn partij zetels zou verliezen en hij kans liep niet herkozen te worden, verliet hij begin 1922 met Van Beresteyn de VDB-fractie. Nam in dat jaar zonder succes als lijsttrekker van de Plattelandspartij deel aan de verkiezingen.

VDB, groep-Van Beresteyn/Teenstra (ex-VDB)
in de periode 1909-1922: lid Tweede Kamer

 

voornamen

Edsge Marten

 

personalia

geboorteplaats en -datum
Grijpskerk (Gr.), 25 juli 1873

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 24 mei 1958

levensbeschouwing

-

  

Doopsgezind (opgevoed)

-

  

geen godsdienst

 

partij/stroming

partij(en)

-

  

V.D.B. (Vrijzinnig-Democratische Bond), tot 20 februari 1922

-

  

Plattelandspartij, vanaf 1922

 

loopbaan

 

-

  

landbouwer te Ruigezand, vanaf 1897

-

  

lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict Zuidhorn, van 21 september 1909 tot 17 september 1918

-

  

lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 september 1918 tot 25 juli 1922

 

partijpolitieke functies

 

-

  

secretaris-penningmeester V.D.B.-fractie Tweede Kamer der Staten-Generaal, van september 1918 tot januari 1922

-

  

voorzitter Plattelandspartij, van 1922 tot 1923

-

  

lijsttrekker Tweede-Kamerverkiezingen Plattelandspartij, 1922

 

nevenfuncties

overzicht

-

  

lid bestuur Maatschappij van Landbouw in het Groningse Westerkwartier

-

  

secretaris Raad van Toezicht inzake de Land- en tuinbouwongevallenwet 1922

-

  

secretaris College van Toezicht inzake de Ziektewet

-

  

lid Zuiderzeeraad, vanaf 1918 (nog in 1947)

-

  

lid Staatscommissie uitgifte landbouwgronden in de nieuwe Zuiderzeepolders (Staatscommissie-Vissering), vanaf december 1926

-

  

plaatsvervangend lid Jachtcommissie, omstreeks 1931

 

opleiding(en)

type of school en plaats middelbaar onderwijs

-

  

vijfjarige h.b.s. Rijks HBS te Groningen

 

activiteiten

als parlementariër

-

  

Sprak in de Tweede Kamer vooral over landbouw, arbeid en nijverheid

-

  

Interpelleerde in 1920 minister Van IJsselstein over de Landarbeiderswet

-

  

Interpelleerde in 1921 minister König over de afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee

-

  

In 1921 mede-indiener van een initiatiefvoorstel-Deckers tot afschaffing van de zomertijd

 

wetenswaardigheden

algemeen

-

  

Trad op 8 februari 1922 uit de V.D.B. uit onvrede over de gang van zaken bij de kandidaatstelling voor de verkiezingen van 1922. Hij wenste geen plaats onder Mr. Oud te aanvaarden.


uit de privé-sfeer
Zijn vader was rentenier

verkiezingen

-

  

Versloeg in 1909 G. Hofstede (arp) na herstemming

-

  

Versloeg in 1913 A. Zijlstra (arp) na herstemming

-

  

Was in 1918 nummer twee op de V.D.B.-kandidatenlijst in de oostelijke en noordelijke provincies


woonplaats(en)/adres(sen)

-

  

Ruigezand (gem. Oldehove), omstreeks 1909

-

  

's-Gravenhage, Laan van Meerdervoort 242, omstreeks 1914

-

  

's-Gravenhage, Lubeckstraat 2, omstreeks 1920

-

  

's-Gravenhage, Riouwstraat 101A, omstreeks 1955


ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 30 augustus 1921

 

publicaties/bronnen

literatuur

-

  

Onze Afgevaardigden, 1909, 1913

-

  

Wie is dat? 1956

 

familie/gezin

samenlevingsvorm
gehuwd te Baflo, 6 mei 1897

naam partner
J. Doornbosch, Johanna

naam vader
P. Teenstra, Pieter

geboorteplaats en/of -datum vader
Oldehove (Gr.), 17 april 1846

naam moeder
G. Poll, Grietje

geboorteplaats en/of -datum moeder
Niehove, gem. Oldehove, 9 februari 1850

beroep grootvader (moederskant)
landbouwer

 

- http://www.parlement.com/9291000/modulesf/g6yal34r

PLATTELANDSPARTIJ

Oprichter, voorzitter en lijsttrekker van de Plattelandspartij was de Groninger Edsge Marten Teenstra. Van 1909 tot 1922 zat Teenstra als de landbouwspecialist van de fractie van de Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB) in de Tweede Kamer. Zijn vertrek uit de VDB hing samen met zijn onvrede over de wijze waarop de partij de kandidatenlijsten voor de verkiezingen van 1922 had samengesteld. Het VDB-bestuur had besloten om de eerste twee plaatsen te reserveren voor partijleider H.P. Marchant en mevrouw B. Bakker-Nort, terwijl de overige plaatsen per referendum zouden worden verdeeld. Deze procedure leidde echter tot protesten van een aantal kandidaten dat meende recht te hebben op een hogere positie dan hen was toegewezen. Het Tweede-Kamerlid Van Beresteyn verliet de partij om die reden en richtte een eigen Comité voor de Verkiezing van Onafhankelijke Kamerleden (Onafhankelijke Partij) op. Teenstra, die op de vierde plaats was terechtgekomen, was van mening dat het referendum was misbruikt door P.J. Oud om zijn eigen  plaats op de kandidatenlijst veilig te stellen. De uitslag van het referendum was, zo liet Teenstra weten, ‘een slag in het gezicht van het platteland’. Oud was volgens hem ‘militaristisch’, terwijl de ‘despotische’ Marchant ‘te veel naar de socialisten neigde’. Op een partijcongres op 18 en 19 februari 1922 haalde Teenstra nogmaals in felle en weinig tactische bewoordingen uit naar Oud en Marchant. Zijn kritiek werd echter door het congres unaniem verworpen, waarop Teenstra de partij verliet. Twee weken nadien, op 8 maart 1922, stond Teenstra aan de basis van de oprichting van de Land- en Tuinbouwpartij. Eind april 1922 presenteerde de partij haar beginselprogramma, terwijl ze ook een nieuwe naam aannam: de Plattelandspartij. Teenstra wilde met de partij, zo heette het in het oprichtingsbesluit, de ‘geheele boerenstand’ sterker bij de politiek betrekken. Hij hoopte dit te bereiken door economisch deskundige landbouwers naar de Tweede Kamer af te vaardigen, die initiatiefvoorstellen zouden moeten indienen, die vooraf door de boerenbevolking waren beoordeeld. ‘De Regeering en het Parlement zullen dan kunnen weten, wie er achter de voorstellers staat’, aldus de Plattelandspartij. In het beginselprogramma heette het dat de partij in ‘den bloei van het Platteland den grondslag voor het maatschappelijk en zedelijk welzijn van het geheele Nederlandsche volk’ zag. Daarom pleitte de Plattelandspartij ook voor de bestrijding van overheidsmaatregelen, die de land- en tuinbouw in hun ontwikkeling zouden belemmeren. Wel zag de partij een taak voor de overheid weggelegd bij het aanbrengen van allerlei infrastructurele verbeteringen op het platteland. Voorts  werd gepleit voor de toekenning van een premievrij staatspensioen voor ouden en invaliden en voor vermindering van de defensieuitgaven. Een eigen periodiek heeft de partij, zover bekend, nooit gehad, terwijl ook statuten ontbreken. Het heeft er alle schijn van dat de partij weinig meer dan een comité voor de verkiezing van Teenstra is geweest. Behalve Teenstra hadden weinig prominente landbouwers zich op de kandidatenlijst van de partij laten zetten. Haar campagne voor de verkiezingen voor de Tweede Kamer op 5 juli 1922 voerde de partij dan ook voornamelijk in het thuisland van Teenstra, de provincie Groningen. In deze provincie behaalde de partij bijna een derde van de in totaal 10.628 op haar uitgebrachte stemmen (0.36%). Het was te weinig voor de herverkiezing van Teenstra. Ironisch genoeg zou Teenstra wel zijn herkozen als hij genoegen had genomen met de vierde plaats op de lijst van de VDB.
Na de verkiezingen is weinig meer vernomen van de Plattelandspartij. Teenstra zou zelf kort na de verkiezingen overstappen naar de Vrijheidsbond.

- http://www.inghist.nl

Plattelandspartij

:: kroniek :: illustraties

Officiële naam

Plattelandspartij

Andere benamingen

Land- en Tuinbouwpartij

Periode

1922 (8 maart) - 1922

Karakteristiek

Het heeft er alle schijn van dat de Plattelandspartij vooral een comité voor de herkiezing van de voormalig landbouwspecialist van de VDB Edsge Marten Teenstra als Tweede-Kamerlid is geweest. Hij was oprichter, voorzitter en lijsttrekker en wilde met de partij de boerenstand sterker bij de politiek betrekken. De bloei van het platteland zou de grondslag zijn voor het maatschappelijk en zedelijk welzijn van het gehele volk.

Verkiezing
(details)

Tweede Kamer, 1922
(details over de verkiezingen)

Personen

W. Balk (Kandidaat Tweede-Kamerverkiezingen)
P.H. Burgers (Kandidaat Tweede-Kamerverkiezingen)
C. Haringhuizen (Kandidaat Tweede-Kamerverkiezingen)
Edsge Marten Teenstra (Lijsttrekker)
P. Teunissen (Secretaris)

Bronnen
(details)

De Plattelandspartij is nooit afzonderlijk onderwerp van studie geweest. Het conflict tussen Teenstra en het bestuur van de Vrijzinnig-Democratische Bond is uitvoerig beschreven door Vonhoff. Materiaal over deze affaire is ook aangetroffen in de particuliere collecties van Van Beresteyn en Marchant (beide ARA). Voor het overige is het bronnenmateriaal over de Plattelandspartij zeer schaars. Gewezen kan hier slechts worden op enige krantenknipsels in de collectie Van Beresteyn. In het Nieuwsblad van het Noorden zijn in de maanden mei-juli 1922 voorts zowel enige verslagen van verkiezingsbijeenkomsten als advertenties van de partij aangetroffen.
 
(gedetailleerde informatie over de bronnen)

 

- Berend Wierts Kunst

 

Bronnen

- Genlias

Voor reacties