Renate M. GROEN

 

Kunstenares
vormgevend in woord en beeld

terug

 

 

 

Ontmoetingen in mijn tuin.......



Zonlicht in het glaswerk op de tuinbank
Zacht matgroen algenwaas
Licht glimmert in de droppels vocht.

Een dikke donkere pad
Schuift onder het blad
En takkenspul.

Kristalhelder is mijn Schaduw
Nu zichtbaar
Op het bemoste pad.

 

*

 

 

 

 

De zilveren vis
Uit de geschonden schaal
Ligt op de bodem
In het midden nu
Van Zijn en mijn verhaal.

De zee nam op het dier
In haar heldere duisternis
Groener dan het donk’re wier
Tot waar de geschonken vis
Gelijk eens op reis het stenen kruis
Doorworsteld toen
Geborgen is.

 

*

 

 

 

 

Ik ben nog zo pril, in mijzelf vond
Ik hen, in mijn diepste wezen stond
Het berkenboompje, teer en groen
En ook het veulen, rank op hoge benen.

Als ik hen voel daarbinnen krimp ik ineen
En moet minutenlang stil en zonder tranen wenen.

Als ik mijn vleugels echter spreid
Mijn gebroken hart voorzichtig met wat spuug weer lijm
Dan stroomt het hinniken, het groen
Naar boven, onthult het trillend mijn geheim.

 

*

 

 

 

 

De basis is geschoond
Het zien van sluiers subtiel beloond.

Het wit, de knoopjes en het kant
Omhullen het dons
En het lieflijk lichaam liggend ertussen.
Rondom en in dat lijf ervaring van vruchten....

Verbijstering om Leegte
Voorbij God
Om het Niets.

Doch Jij bent in mij
Zoals ik ben om Jou....

Laten wij toch spelen samen
Dansend door het leven gaan.
Toon me Je Wezen nog meer
Om het te koesteren
Ik durf dat steeds weer
Immers voorbij God
is het Niets.

Open en kwetsbaar
Onbenoembaar en zonder schijn
Is er het Niets
Dat slechts barend kan zijn.

 

*

 

 

 

 

Pauw

Vol tooi
Leer mij nog meer verlangen naar Hem
Die zich zo tonen dorst in heel Zijn pronk.

Waarachtigheid in Oogopslag.

 

*

 

 

 

 

Jong en vurig

Zacht voorbijgaand tjilpend gepiep
Dribbelt na vorstelijk schrijdend
Grijs en blauwgroen moederschap
Door mijn tuin.

Stil schrijf ik er.

Wolken van verlangens onderzocht
Verdampen in mijn pure passie
Het Woord te beminnen als Bruidskleed.

 

*

 

 

 

 

Voorbij het drama leek eerst niets
Leek eens mijn leven
Bedrieglijk leeg en koud.

En nu.....
Sta ik in bránd
In dageraad en dag
In hemels blauw en goud.

 

*

 

 

 

 

Voorbij het drama
In mijn bestaan
Bestaat er Léven nog
Zo puur!

Ik sta in de woestijn
Op aard’ alleen
En steen
Noch mens noch cultuur
Enkel zand
Wind, rots en vuur..

Is Zijn
Zonder uur....

 

*

 

 

 

 

Wat kan ik eigenlijk nog vertellen
Dan enkel het waar verhaal.

Maar zal over de vrouw
Die ik ben volstaan?
Over haar die ik gewerd in ’t gaan?

Want
Is er nog mare
En is er wel vrouw
Of alleen nog Leven
In Ontmoeting met Jou?

 

*

 

 

 

 

Er is een Leven zonder gedachten
Waarin poëzie
Voertuig van uiting is:
Het
Lied
Vorm voor beleven!

Melancholie blijkt
Een dwaalweg daar
Verhalen overbodig
Tragedie onwaar.

Zoetheid in trilling
Beademt er
Mijn verwonderd Wezen
Schenkt er mijn lichaam
Teer lievend geluk.

 

*

 

 

 

 

De Wind heeft me een huid gegeven
Teer beroerd ze mijn wezen
De Bloem heeft me vreugde gegeven
Adem vol geur, klank en kleur.

De Spin heeft zijn web in mijn tuin geweven
Een draad draaiend om leven
Voeden, nemen en geven
Een Vlinder toont me zijn vrijheid heel even.

 

*

 

 

 

 

Hebt Gij hen écht verbonden
De twee
Die verlangend elkander zochten?

Heeft de zon werkelijk de maan reeds gekust?

Of blijven toch
Duizend aardelagen glimlachen nog
Vanuit vervoering
Eindloos wachtend op het groots moment
Waarop Gij in zacht geluid
Hen in mijn hart
Stil fluisterend bekend?

 

*

 

 

 

 

De witte Veer
Daalt op d’aarde neer.

In ‘t innerlijk spreekt de Godheid luid
Als d’aarde Hem gul ontvangt
Zich onderdompelt in Zijn Lied
In Eeuwigheidswoord verklankt.

Hij roert zich zacht in haar en teer
Bespeelt Hij gans haar huid
Waar alles wat Hij teder biedt
Bevrucht tot Eén en innig Lied.

 

*

 

 

 

 

- Enkele gedichten uit de bundel ‘Ontmoeting’.

 

voor reacties
mareni@tiscali.nl

 

terug